LEVEN EN WERKEN-N

Deze site is nog in bewerking. Sorry voor het ongemak. De komende tijd regelmatig aangevullingen.

anne zernike beeldmerk

Leven en werken in Bovenknijpe, Eerbeek en Rotterdam

 

Het leven en werken van Anne (Mankes-)Zernike is globaal in drie delen te onderscheiden.

Eerst is ze als jonge voorganger - net 24 jaar oud - werkzaam in de Doopsgezinde Gemeente Bovenknijpe. Daar ontmoet ze de schilder Jan Mankes. Met hem trouwt ze en - naar het gebruik van die tijd - eindigt ze met haar werkzaamheden als voorganger.

Kort daarna vertrekken ze naar Scheveningen om daar te wonen. Jan Mankes heeft veel contacten in Den Haag en verlangt er bovendien naar om de mooie luchten boven zee en strand te schilderen. Vanwege de ziekte van Jan (tuberculose) verhuizen ze korte tijd later naar Eerbeek. De zandgronden zijn beter voor hem dan de vochtige omgeving van de zee. Daar in Eerbeek wordt hun zoon Beint geboren. Na een ziekbed van enkele maanden overlijdt Jan in het voorjaar van 1920. Daarvoor was hij nog enkele maanden opgenomen geweest in een sanatorium in Nunspeet.

 

Anne Mankes-Zernike doet enkele beroepen, maar wordt nergens aangenomen.

Dan krijgt ze door haar contacten in Rotterdam een aanstelling op de linker-Maasoever in de nieuwe wijk Vreewijk. Tot haar emeritaat in 1948 blijft ze verbonden aan de Nederlandse Protestanten Bond in Rotterdam. Na haar werkzame leven schrijft ze haar memoires over haar leven en werken in het boek "Een vrouw in het wondere ambt". Daarover meer achter het tabje herinneringen.

In dit onderdeel van de site wordt ingegaan op de plekken waar Anne (Mankes-)Zernike heeft gewoond en gewerkt.

 

DE PERIODE VÓÓR BOVENKNIJPE

Nadat Anne Zernike was geslaagd voor haar examen aan het Seminarium en als proponent in het leven stond, was ze beroepbaar voor de Doopsgezinde gemeenten in Nederland. Ze kreeg al vrij spoedig een beroep vanuit de dorpen Mensingeweer (Groningen) en Baard (Friesland). Deze gemeenten waren er als een van de eersten bij om een vrouw te beroepen. Eerst Anne Zernike en toen die later in Bovenknijpe was benoemd, werd de al genoemde Metje Gerritsma beroepen in beide dorpen. Beide gemeenten blijken namelijk een traditie te hebben om proponenten te beroepen, In dit geval maakten ze geen verschil in een mannelijke of een vrouwelijke proponent.

 

BEROEP IN DE DOOPSGEZINDE GEMEENTE BAARD

In de notulen van de gemeente Baard werd nauwkeurig bijgehouden hoe één en ander geregeld werd aangaande een te beroepen predikant of proponent. Zo ook toen men een beroep uitbracht op Annie Zernike. Op 23 april 1911 kwamen de kerkenraad en de beroepingscommissie (in de laatste had ook een vrouw zitting) bijeen. De voorzitter van de kerkenraad vroeg de aanwezigen of zij een beroep op een predikant uit wilden brengen, of dat zij de proponenten uit zouden nodigen om op beroep te komen preken. Voor het laatste werd gekozen. De proponenten hadden in de gemeente op beroep gepreekt, en op zondag 30 juli, na de zondagse dienst, bleven de leden, mannen en vrouwen, achter om hun stem uit te brengen.

Men kon kiezen uit de volgende proponenten: Hylkema te Utrecht, Buruma te Grootegast en mej. Zernike te Amsterdam. Hylkema kreeg negen stemmen, Buruma kreeg één stem en mej. Zernike 32 stemmen. Na de stemming werd de beroepsbrief opgesteld en verstuurd. Op 2 september ontving de kerkenraad een brief van Annie Zernike waarin zij bezwaar tegen de inhoud van de beroepsbrief maakte en nog een aantal andere opmerkingen die betrekking hadden op de pastorie. De beroepsbrief werd door de kerkenraad niet gewijzigd, maar de andere ‘eisen’ die er waren gesteld ter verandering aan de pastorie werden ingewilligd. Wel moest ze voor 7 september haar antwoord geven. Op die datum liet ze weten voor het beroep van Baard te bedanken.

 

BEROEP IN DE DOOPSGEZINDE GEMEENTE MENSINGEWEER

De geschiedenis van de Doopsgezinde gemeente Mensingeweer laat zien dat ook deze gemeente - met name om financiële redenen - er voor koos om een proponent aan te trekken. Tijdens de kerkenraadsvergadering van 31 mei 1911 werd besloten de proponenten, die dat jaar waren afgestuur en zich beroepbaar hadden gesteld, uit te nodigen voor een preekbeurt op beroep. De kerkenraad riep de leden op toch vooral in de kerk te komen, zodat zoveel mogelijk leden aanwezig waren bij het preken van de proponenten. Op de ledenvergadering van 28 juli 1911 kon de voorzitter 20 leden, zowel zusters als broeders, begroeten. Men kon zijn of haar stem uitbrengen op de volgende proponenten: de heren Hylkema en Buruma en mej. Zernike. Hylkema kreeg vier stemmen en mej. Zernike vijftien stemmen. Dus werd er een beroep uitgebracht op mej. Zernike, die op 3 september liet weten voor dit beroepte bedanken. Hierna werd proponent Hylkema beroepen, die ook voor dit beroep bedankte.

 

PREKEN OP BEROEP IN BOVENKNIJPE

Uit de Leeuwarder Courant van 18 juli 1911 het volgende bericht: Gistermorgen is de godsdienstoefening der Doopsgezinde gemeente te Bovenknijpe, die vacant is, geleid door mej. A. Zernike te Amsterdam. Het kerkgebouw was geheel gevuld. Mej. Zernike hield eene predikatie naar aanleiding van 1 Samuel 16, hoofdstuk 7.8: “want de mensch ziet aan wat voor oogen is, maar de Heer ziet het hart aan”. Het tafrijk auditorium kreeg van deze vrouwelijke predikant, die tot de moderne richting behoort (wat ze duidelijk liet uitkomen), een zeer gunstigen indruk.

 

 

TEKST

TEKST

LEVEN EN WERKEN

 

ANNE ZERNIKE ONTMOET JAN MANKES

 

Kort na haar bevestiging in Bovenknijpe ontmoet de jonge Anne Zernike de schilder Jan Mankes.

Op deze website wordt de relatie met Jan Mankes verder en uitgebreider toegelicht achter het tabje Jan Mankes

 

Jan Mankes en Anne Zernike vestigen zich vrij kort na hun huwelijk - waardoor Anne zoals gebruikelijk in die tijd haar werkzaamheden neerlegt - in Den Haag / Scheveningen. Hun woning bevindt zich in de Douzastraat. Ze wonen op nummer 18, een bovenwoning.

 

Jan geniet van de frisse lucht en de fraaie luchten. Maar al snel wordt duidelijk dat ze vanwege de teruglopende gezondheid - hij heeft last van tuberculose - niet langer aan zee en dus niet langer in Den Haag kunnen blijven wonen.

 

 

Op 28 augustus 1916 betrekken Anne en Jan Mankes de woning aan de dr. Gunningstraat 13 in Eerbeek. Een vrijstaand huis met erkers en een tuin.

 

In haar memoires schrijft Anne over Eerbeek: "Ons huis stond naast de pastorie, aan de andere rand van het dorp dan waar de papierfabrieken waren en bood een ruim uitzicht over een weiland, waarachter, tussen de bomen door, 'huize Eerbeek' schemerde, waar de Amsterdamse hoogleraar Weber, en zijn vrouw woonden. eerbeek was in die tijd een geliefd professorenverblijf"

 

Het is dit weiland en dit huis dat bekend is als een van de winterlandschappen van Jan Mankes (zie kolom hiernaast).

 

Haar preken en de invloed van Jan Mankes op haar en haar preken

 

Anne Zernike begon in Bovenknijpe vanaf de kansel de boodschap van pacifisme uit te dragen. Maar de gemeente ontving de boodschap niet zoals ze graag gewild en gehoopt had. Vanuit de gemeente kreeg ze weinig tot geen bijval. In haar memoires schrijft zij daarover als volgt:

‘We zaten (ouders, broers en zusters Zernike), eind juli 1914, ergens in de Ardennen, in zo’n onbezorgde vacantiebestemming, dat we de oorlogsgeruchten geloven wilden noch konden. In Namen hadden we nog een trein naar Brussel gekregen waarin Belgische soldaten zaten, opgeroepen in oorlogsdienst. Telkens gingen mijn gedachten ook naar het verre Friese dorp, waar ik thuishoorde en vroeg me angstig af, hoe men het daar maken zou. Scherp kan ik nog de geïrriteerde verbazing navoelen, waarin mijn gemeenteleden me brachten, toen ik hen bij mijn terugkomst aantrof in een stemming van gemoedelijke gezapigheid, als ware er niets gebeurd. Slechts enkele jongens waren onder de wapens geroepen. In Friesland was alles pais en vree. Hun verbeelding reikte niet verder dan de grenzen der provincie; hun wereldbeeld was niet ingestort, ze hadden er geen gehad. En ik voelde me eenzamer dan ooit onder hen’.

 

Toen in 1940 de Tweede Wereldoorlog uitbrak, kwam het haar zinloos over om dat opnieuw te doen. Hiervan schrijft ze in haar menoires: ‘Het verschil tussen aanvals- en verdedigingsoorlog, dat in 1914 niet voor me bestond, was nu, in 1940, groter werkelijkheid voor me geworden’. Ze was natuurlijk ouder geworden en haar gespreks-partner, Jan Mankes, die haar in 1914 duidelijk beïnvloed had, leefde niet meer.

Heeft u vragen en/of opmerkingen of heeft u aanvullingen en/of verbeteringen voor deze website: verstuur uw bericht aan info@annezernike.nl

Copyright © All Rights Reserved

©www.annezernike.nl